Op vakantie in de klimaatspagaat:
wanneer woorden
en daden met elkaar stoeien

terug naar overzicht

Ze noemen het wel de ‘klimaatspagaat’[1]: je zorgen maken om het klimaat, maar moeite hebben om je daadwerkelijk duurzaam te gedragen. Ik weet er alles van. En dan bedoel ik niet eens mijn kennis over gedrag, maar vooral mijn persoonlijke ervaring.

De klimaatspagaat
Als er iemand in de spagaat zit, ben ik het. Tijdens een discussie over de houdbaarheid van de groei-economie vertel ik beretrots over onze aangescherpte ‘Beyond Growth’-strategie[2], terwijl ik aan mijn havercappuccino sip. Mijn discussiepartner en ik zijn het erover eens dat het anders moet, en we zelf aan het roer staan om die verandering op te eisen. Maar dan voegt een derde persoon zich bij het gesprek en val ik door de mand. “Ga jij eigenlijk nog op vakantie?”…

Ja, en ik ga vliegen. Voor de tweede keer dit jaar zelfs. Ik kan het niet rijmen, en toch ook niet laten. En daarmee voeg ik me bij een hele grote groep mensen, die in hetzelfde cognitief dissonante sfeertje zit.

Mijn collega Martijn Nillesen schreef onlangs een column over ons gedrag op het vliegveld [3]. Met als conclusie: we zijn niet zo veel veranderd als we hadden gedacht. That had me thinking. Waarom gaan we massaal weer vliegen, terwijl we de gevolgen kennen? Waar is ons moraal? Of specifieker: Sanne, waar is jouw moraal? Want ik ben m’n eigen casus.

Opboksen tegen eeuwenoude neigingen en halfbakken argumenten
Natuurlijk reizen we nog steeds om dezelfde redenen als altijd: een break van het dagelijks leven. Oeroude ontsnappings- en ontdekkingsdrang zit zo diep in ons geworteld, dat relatief nieuwe ideeën over duurzaamheid en verantwoordelijkheid daar niet zo makkelijk tegen opboksen. Zeker niet als het zo makkelijk recht te lullen is. Vliegmaatschappijen doen bijvoorbeeld maar al te graag alsof je je CO2-uitstoot kan compenseren door een boom te laten planten. Onzin natuurlijk, maar het helpt toch een beetje om dat knagende schuldgevoel in te dammen. Voeg daar nog een paar halfbakken argumenten aan toe – weet je nog, die havercappu’s? – en je houdt het weer even vol.

Het wordt ons heel erg makkelijk gemaakt om ons gedrag goed te praten, want zolang wij niet massaal op de barricades staan voor verandering, hoeven de grote partijen – lees: overheid en big corporates – ook niet radicaal te veranderen. Wel zo comfortabel.

Wij wijzen naar hen, zij wijzen naar ons. Zo houden we met naïeve oogkleppen ons huidige gedrag in stand, terwijl we allemaal weten dat het uitstel van executie is. Dat we onszelf daarmee in de vingers snijden is ook niet eens een twijfel. Maar toch. We zijn nou eenmaal geneigd short term gain te prioriteren boven long term loss.

[1] Gevonden via Dr. Loes Kreemers

[2] Een interview op New Business radio over onze beyond Growth-strategie

[3] De column van Martijn over ons vliegveldgedrag